Geschiedenis
Nachtelijk Amsterdam voor het eerst veilig verlicht
In het 17e-eeuwse Amsterdam was het 's nachts aardedonker en gevaarlijk op straat. Jan van der Heide, kunstschilder en uitvinder, ontwierp een revolutionair systeem van straatlantaarns dat de stad letterlijk verlichtte. Zijn uitvinding maakte het nachtleven veiliger en zorgde ervoor dat Amsterdam ook na zonsondergang tot leven kwam.
Aflevering 1: In de Amsterdamse nachten
Opvallend
- Van der Heide's lampontwerp met glas en staal loste de gebreken van eerdere hoornlantaarns op, en zijn plan regelde zelfs olieaanvoer en maanfasen.
- Zijn voorschriften waren zo streng dat lantaarnopstekers niet tegen de palen mochten plassen en de lantaarns voorzichtig moesten behandelen om olie te sparen.
- Elk jaar gingen Amsterdamse lantaarnopstekers en -vullers langs de deuren met een nieuwjaarswens voor een fooi, net als moderne krantenbezorgers.
- Na de komst van Van der Heides straatverlichting getuigden reizigers dat ze 's nachts veilig twee tot drie uur konden wandelen zonder enige overlast.
- Een moderne replica van een Van der Heides lantaarn kost circa 150 uur werk, op basis van zijn zeer nauwkeurige 17e-eeuwse technische tekeningen.