Geschiedenis
Herinneringen aan het dorpsleven in Sloten
Luc van der Kolk (96) neemt je mee naar het Sloten van zijn jeugd, een dorp dat later door Amsterdam werd ingelijfd. Hij vertelt over de kruidenierswinkel van zijn vader, het strenge schoolgezag en de kattenkwaad die hij met vrienden uithaalde, zoals het stelen van een roeibootje. Een levendig portret van een verdwenen dorpswereld, vlak buiten de grote stad.
Sloten: Luc van der Kolk
Opvallend
- Sloten is ouder dan Amsterdam: het dorp bestond al zo'n driehonderd jaar toen Amsterdam in 1275 werd gesticht, en werd pas in 1921 geannexeerd.
- Luc zat in de klas met 48 leerlingen, jongens en meisjes gescheiden in rijen; bij schrijfles met kroontjespen werden fouten bestraft met een liniaal op de vingers.
- In Sloten stond het kleinste politiebureautje van Nederland, een kastjortje waar de agenten vrijwel nooit binnen zaten; Luc doneerde later voor het behoud.
- Luc verstopte zich in de stekelbosjes om te kijken hoe vriend Jan Kompier van zijn vader een 'roeier' kreeg, een trap die nooit miste door een schijnbeweging.
- Luc dronk als kind water uit de sloot door kroos met zijn vingers weg te halen en zag in de sloten van Sloten naar eigen zeggen miljoenen kikkers.