Economie & beleid
Kadastraal inkomen op de schop: wie wint, wie betaalt?
Het kadastraal inkomen dateert nog uit 1975 en is compleet achterhaald. Professor fiscaal recht Mark De Lanote legt uit waarom een hervorming nodig is, wie er baat bij heeft en wie meer gaat betalen. Een pleidooi voor een eerlijkere fiscaliteit, zonder taboes.
Centen en Procenten | Kadastraal inkomen moet op de schop: wie wint, wie betaalt het gelag? | maandag 19/10/26
Opvallend
- Het kadastraal inkomen is nog altijd gebaseerd op huurwaarden uit 1975 en wordt sinds 1991 enkel geïndexeerd, waardoor het sterk verouderd is.
- Uit een studie bleek dat gelijkaardige huurhuizen kadastrale inkomens hadden van 233 tot 1.487 euro, een verschil van zes keer.
- Bij de laatste grootschalige perceptie in 1975 registreerde het kadaster slechts 77% van de woningen met badkamer, terwijl het werkelijke aantal bijna 100% was.
- Gemeenten zoals Hemingsum sturen brieven naar bewoners om badkamers en centrale verwarming te melden, waardoor een derde van de adressen een opwaardering kan krijgen.
- Een voorstel om de 40% opdeciem voor tweede verblijven te verhogen is geen hervorming maar een verkapte belastingverhoging, aldus professor Mark De Lanoten.