Geschiedenis
Witloof met kaas en hesp: een Belgische uitvinding
Witloof met kaas en hesp lijkt een simpel gerecht, maar achter die bescheiden naam schuilt een verhaal van experimenten en toeval. Het witte loof werd in de 19e eeuw ontdekt in Brusselse champignonkelders en groeide uit tot een Belgische klassieker. Pas in 1933 duikt het eerste volledige recept op met kaas, hesp en bechamelsaus.
Witloof met kaas en hesp in de oven
Opvallend
- Witloof is geen natuurproduct: het werd rond 1860 door Brusselse kruidtuinchef François Breziers gekweekt in champignonkelders door cichorei onder grond te laten groeien.
- Op de internationale tuinbouwtentoonstelling in Gent in 1873 werd witloof voor het eerst aan een internationaal publiek getoond, waarna Parijse restaurants het opkochten.
- Het eerste witloofrecept uit 1882, van meesterkok Couderlier, was gestoofd witloof; pas veel later verscheen de combinatie met ham en kaas.
- Het oudste recept voor witloof met kaas en hesp staat in de editie van 1933 van het kookboek 'Ons Kookboek' van de Boerinnenbond, mét bechamelsaus.
- Witloof gold eerst als luxegroente voor burgerij en adel, en werd na WO I door Vlaamse tuinbouwers naar Noord-Frankrijk gebracht; grondwitloof wordt nog steeds alleen in België geteeld.